+

Inleiding

De bestaande literatuur over de Turkse Angora bleek op een enkele gunstige uitzondering na, weinig betrouwbaar. In de loop der tijden zijn er weliswaar een behoorlijk aantal min of meer uitgebreide artikelen over dit ras verschenen, maar deze publikaties hebben grotendeels weinig om het lijf. De bijdragen van de Nederlandse keurmeester en publicist Jean-Paul Maas en de Duitse fokster Ursula Aust (Ankara's Inci) zijn daarvan in West-Europa het meest verbreid en bekend. Beide auteurs geven echter bitter weinig echt gefundeerde informatie en vervallen al gauw in allerlei vaagheden. Het is vooral de historische juistheid die bij hen sterk te wensen overlaat. Hetzelfde geldt helaas voor de publikatie van de voorzitter en initiatiefneemster van de 1. Internationaler Türkisch Angora & Van Club e.V., Gisela Römer (von Wasserloos) die begin 1995 verscheen.

Het zou te ver voeren alle, in het bijzonder in Nederland, verschenen artikelen en bijdragen te bespreken. Trouwens bij een nadere vergelijking bleek, dat het merendeel van deze artikelen (meestal geschreven door fokkers) nauwelijks of geen nieuwe feiten naar voren brengt. In veel gevallen hadden de publikaties van Maas en Aust als basis gediend en waren ze, afgezien van hier en daar een kleine differentiatie of aanvulling, soms klakkeloos overgeschreven, inclusief allerlei in die publikaties voorkomende misvattingen en onjuistheden. De publikaties van Maas en Aust op hun beurt bleken grotendeels ontleend te zijn aan het boekje van The National Turkish Angora Cat Club uit 1976: The Turkish Angora, Revival of an Ancient Breed. Van enig eigen en gedegen onderzoek lijkt nooit sprake. Tot overmaat van ramp werden de verscheidene data en feiten vervolgens ook nog eens door jan-en-alleman lustig door elkaar gehaald. Zo werd deze, vaak volkomen onjuiste of onjuist geïnterpreteerde informatie, doordat ze overal binnen de Cat Fancy door allerlei mensen keer op keer opnieuw gepubliceerd en dus bevestigd werd, langzamerhand voor waar aangenomen. Tel uit je winst!

Te veel wordt ook door de meeste auteurs geleund op datgene wat Buffon over dit ras zegt in zijn Histoire Naturelle uit 1756. De daar genoemde datering is gebleken onjuist te zijn, nl. honderd jaar te vroeg. Slechts weinigen hebben e.e.a. geverifieerd en gecontroleerd en zijn er te gemakkelijk van uitgegaan dat het wel zou kloppen. Het is opvallend dat wat betreft de historische juistheid slechts een enkeling wat dieper gegraven heeft.

Als basis voor mijn artikel dienden uiteindelijk vele tientallen artikelen, groot en klein, uit diverse landen. Ook werden vanzelfsprekend meer algemene handboeken over katten geraadpleegd. Uitvoerig werden de brieven, boeken, memoires en biografieën van en over de vroegste fokkers en liefhebbers van dit ras uit de 17e-19e eeuw uitgeplozen, op zoek naar verwijzingen. Hiervoor is onderzoek gedaan in diverse grote bibliotheken en voor wat betreft de kat in de kunst o.a. bij het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie te Den Haag en Het KattenKabinet in Amsterdam. Ik pretendeer zeker niet dat dit artikel nu het enig zalig makende zou zijn. Wel kan ik verzekeren dat hieraan, in tegenstelling tot bij de meeste andere over dit onderwerp, diepgaand onderzoek en studie en een zo objectief mogelijke vergelijking van het bestaande materiaal ten grondslag heeft gelegen. Ook eigen ervaringen met het ras en niet te vergeten die van anderen zijn verwerkt.

Opvallend was, dat met uitzondering van de publikatie van The National Turkish Angora Cat Club uit 1976, geen enkele auteur de moeite heeft genomen om zelfs ook maar aan te geven waar zijn of haar wijsheid vandaan komt. Alles wordt, alsof men het allemaal zelf heeft uitgezocht en uitgevonden, gepresenteerd. Dat heeft mijn onderzoek vaak bemoeilijkt, omdat zonder behoorlijke documentatie de betrouwbaarheid van de gegevens op geen enkele wijze gecontroleerd of verder nagegaan kon worden. Reden te meer voor mij om, teneinde anderen na mij die mogelijkheid wel te bieden, alles zo gedetailleerd mogelijk te documenteren.

Daar waar sprake is van bepaalde historische personen die een belangrijke rol hebben gespeeld in de geschiedenis van dit ras, is in de vorm van een noot een korte biografie ingevoegd. Op die manier gaan deze mensen wat meer leven en blijven ze niet slechts namen met bijbehorende jaartallen. Het was trouwens opvallend dat veel van deze mensen, naast het feit dat ze van katten hielden, ook in andere opzichten bijzonder boeiende personen waren. Het was voor mij een heel prettige ervaring door dit onderzoek met deze mensen kennis te hebben gemaakt.

Ik zal mij in deze publikatie geen waardeoordeel aanmatigen wat betreft hedendaagse fokkers van de Turkse Angora. Daar waag ik mij niet aan, dat laat ik graag aan toekomstige generaties over. Wel zullen een aantal minder gelukkige initiatieven bij de fok van dit ras aangehaald worden, waaraan ik bepaalde conclusies verbind. Het is aan U of U deze met mij deelt of niet!

Ik hoop dat ik er in ieder geval in geslaagd ben, eens en voor altijd af te rekenen met allerlei min of meer op hol geslagen en sterk geromantiseerde ideeën over dit ras, hoe leuk en aardig die soms ook mogen zijn. En alhoewel het ras bij lange na dus weer niet zó oud en bekend in West-Europa is als sommigen ons doen willen geloven, blijft een feit, dat het een zeer oud ras is en waarschijnlijk het eerste ras waarmee gericht werd gefokt, nl. al vanaf het begin van de 17de eeuw. Voor mij, als fokker en liefhebber van de Turkse Angora, voldoende reden om mij hier met hart en ziel in te storten en te proberen de mysteries rond dit ras te ontrafelen en te ontsluieren en waar nodig alles een beetje te relativeren. Na lang reduceren en deduceren is uiteindelijk het navolgende relaas uit de bus gekomen.

 

 

vorige hoofdstuk top volgende hoofdstuk