![]() |
Een tijdgenoot van Pietro della Valle (zie vorige hoofdstuk) Nicolas-Claude Fabri seigneur de Peiresc 1) kreeg in het begin van de 17e eeuw rechtstreeks uit Turkije enige Angorakatten (en ook -geiten) en begon daarmee zelf via weloverwogen kruisingen 2) te fokken: in de Levant [de kust van Turkije, vroeger ook wel Klein-Azië genoemd] had men hem volledig witte katten beloofd "die een lange, golvende vacht hebben, zoals spaniëls en waarvan de geheven (gedragen) staart de meest schitterende pluim vormt die er maar te zien valt". De beschrijving die hier van deze katten gegeven wordt is, afgezien van de kleur, zo goed als identiek aan die Della Valle in 1620 gaf! Eenmaal gearriveerd in Aix-en-Provence wekken deze onbekende dieren alom bewondering. Aan de reeks verdiensten, waarvoor wij hem dankbaar zijn, kan Peiresc het feit toevoegen, dat hij het was die de Angorakat in Frankrijk introduceerde. 3)
Hij was een echte dierenvriend en altijd heel bezorgd om het welzijn van zijn dieren: wanneer zijn katten ziek zijn en hij ver weg is dan stuurt hij gedetailleerde aanbevelingen en schrijft voor: ze in geen geval soep te eten te geven maar het geel van een ei en wat brood. 6) Zijn benadering kan ook meer wetenschappelijk zijn. Zo schrijft hij ooit een korte verhandeling over het tapetum lucidum bij de kat: de afgelopen dagen hebben wij een geheel nieuw genoegen beleefd aan de anatomie van de ogen van een kat. Wij lieten daarin het effect van de weerkaatsing van het licht ontstaan dat er s nachts in het donker in verschijnt wanneer de plek verlicht wordt door een kaars. 7) Dat deze katten in die tijd hun intrede in de eerste plaats doen in de bovenlaag van de maatschappij, is gelet op de kennissenkring van hun eerste baasje, De Peiresc, niet zo verwonderlijk: ... overigens is een leuk kitten een gewaardeerd cadeau en talrijk zijn de verzamelaars, aan wie Peiresc er een stuurt in ruil voor een zeldzame medaille of een interessant, oud fragment. 8) Aardig in dit verband is een voorval (ontleend aan de correspondentie van De Peiresc) waarbij hij van een zekere Sieur Gault in Parijs een paar antieke bronzen vazen wil kopen. Om de eigenaar gunstig te stemmen en hem dus deze vazen te gunnen tegen een betaalbare prijs, komt hij op het lumineuze idee hem naast betaling van een half dozijn gouden ecu's ook één van zijn (Turkse) Angora kittens cadeau te doen. Hij schrijft aan zijn Parijse contactpersoon: als we, om de vaas ... te krijgen hem slechts één van die katjes hoeven te beloven, doe dat dan gerust, want het is een goed middel om de vaas te verwerven ... Maar om de handelswaar [dit kitten] meer waarde te geven, moet U hem vriendelijk verzoeken deze belofte stil te houden vanwege andere personen uit de hoogste kringen, die mij er ook om gevraagd hebben ... 9) En zo zullen ongetwijfeld, al dan niet als onderdeel van een handeltje, de door hem gefokte kittens hun nieuwe thuis in die tijd uitsluitend bij de upper class van het Frankrijk van de 17e eeuw gevonden hebben. Zo is bekend dat hij een witte Angora met amberkleurige ogen aan de Franse staatsman kardinaal de Richelieu geschonken had, die op zijn beurt daar erg mee ingenomen was.
Het is zeker ook niet ondenkbaar dat hij deze katten via de bemiddeling van Della Valle heeft gekregen of dat die wellicht degene is geweest die hem deze katten beloofd had. De Viaggi waren weliswaar nog niet in boekvorm verschenen, maar de roem van Della Valle en allerlei details over zijn belevenissen en ervaringen waren hem reeds jaren vooruit gegaan. Beide heren waren bovendien lid van het exclusieve humanistische genootschap de Academia degli Umoristi in Rome, waar Della Valle il Fantastico genoemd werd. Della Valle logeert in Constantinopel bij de Franse ambassadeur, toen Achille de Harlay baron de Sancy (1581-1646), de voorganger van de graaf De Marcheville, waarmee De Peiresc op zijn beurt weer contact had. Verder is bekend dat Della Valle en De Peiresc met elkaar gecorrespondeerd hebben. Della Valle was er nl. heel trots op de grote wetenschapper - hij zelf was toch min of meer een amateur - De Peiresc te kennen en vond dat hij er mede daardoor helemaal bij hoorde. 12) Helaas werd deze correspondentie, voor was na te gaan, nog niet gepubliceerd. De originelen bevinden zich tegenwoordig in de Archivio Segreto Vaticano in Rome. 13) Ik hoop deze ooit nog eens te kunnen bestuderen en dan uit te vinden of er in die brieven over deze (Angora) katten gesproken wordt. Het zou me niets verbazen! Opmerkelijk is ook dat bij de doop van De Peiresc als getuige van moederskant genoemd wordt een zekere Anna de Valla. 14) Heeft er misschien een familierelatie tussen beiden bestaan? De familie Fabri (later Fabri de Peiresc) kwam oorspronkelijk uit Pisa in Italië. Het antwoord op al deze vragen moet ik helaas vooralsnog schuldig blijven. Ook in het roemruchte werk van Moncrif (straks meer over hem) uit 1727 getiteld Les Chats worden deze katten, afkomstig uit Klein-Azië, genoemd. Er wordt hier expliciet verwezen naar Della Valle en aangegeven hoe deze dieren vervolgens naar Frankrijk zouden zijn gekomen: we moeten toegeven dat van al deze soorten uitheemse katten het die uit Perzië zijn welke alle in schoonheid overtreffen. Een beroemde reiziger verrijkte Italië in 1521 met dit nieuwe ras; een geschenk dat zij [de Italianen] met zorg en jaloers bewaarden, zodat het niet eerder dan een eeuw later was, dat deze prachtige katten naar Frankrijk gebracht werden. Daarvoor zijn zij [deze katten] de beroemde M[onsieur ?] Ménard alle dank verschuldigd. 15) Hij was het die een dergelijke poes uit Rome meebracht en later bij gelegenheid van haar overlijden een sonnet schreef ... 16) Het is duidelijk dat de datering hier niet klopt. Della Valle keerde in 1626 naar Rome terug, maar de katten die hij vooruit zond kunnen natuurlijk heel goed al eind 1620 begin 1621 (maar zeker niet in 1521) aldaar gearriveerd zijn. De afstanden waar we hier over spreken zijn groot en dergelijke reizen duurden in die tijd vaak vele maanden. Honderd jaar na de vermeende datum van 1521 brengt ons echter in 1621. Dat deze poes dan wellicht een van die is, die Della Valle vanuit Isfahan verzonden had, is theoretisch heel goed mogelijk. Misschien was het allemaal iets later en betreft het hier een nakomeling van deze katten. Zij was een Romeinse Dame, ontsproten uit een adellijk geslacht 17), schrijft Ménard. In ieder geval hebben de Italianen dit geheim geen 100 jaar kunnen bewaren. Het is deze dateringsfout in het werk van Moncrif die er debet aan is dat velen later de invoer van deze katten 100 jaar te vroeg plaatsen. Meer hierover in het volgende hoofdstuk wanneer Buffon besproken wordt. Concluderend kunnen we er vooralsnog vanuit gaan dat, voor zover was na te gaan, het vooral De Peiresc geweest is, aan wie we de feitelijke introductie van deze katten te danken hebben en dat hij het was die hen een grote bekendheid wist te verschaffen. De rol van Della Valle lijkt toch enigszins beperkt gebleven. Immers van enige verdere activiteiten van hem met deze katten, na het oponthoud in Isfahan, is tot op heden niets boven water gekomen, terwijl niet voor de volle 100% vaststaat dat we bij hem met (Turkse) Angora's vandoen hebben. Hierover bestaat bij De Peiresc geen twijfel. Noten
|
|||
|
|
vorige hoofdstuk | top | volgende hoofdstuk | |